Leven
Efstratios Stamatopoulos werd op 30 juni 1890 geboren in Sykaminea, een dorp aan de noordkust van Lesbos, dat toen nog deel uitmaakte van het Ottomaanse Rijk. Hij ging naar Athene om rechten en letteren te studeren, maar in 1912, toen de Balkanoorlogen uitbraken, meldde hij zich als vrijwilliger bij het leger. Hij vocht in de Balkanoorlogen, aan het Macedonische front in de Eerste Wereldoorlog, waar hij gewond raakte, en in de Klein-Aziatische veldtocht van 1919–1922. Tien jaar soldatenleven gaven hem zijn onderwerp.
Terug in Mytilini na de Klein-Aziatische catastrofe richtte hij de krant Καμπάνα (De klok) op, werd er hoofdredacteur van en publiceerde er als feuilleton het oorlogsdagboek dat Η ζωή εν τάφω zou worden. De eerste uitgave werd in 1924 in Mytilini gedrukt; de uitgebreide Atheense uitgave van 1930 maakte hem van de ene dag op de andere beroemd. In 1932 verhuisde hij met zijn gezin naar Athene en leefde hij van de journalistiek, waarbij hij de volgende veertig jaar romans, verhalen en krantencolumns publiceerde. Hij werkte voor de Griekse nationale radio, was voorzitter van de Nationale Vereniging van Griekse Schrijvers en werd in 1958 gekozen tot lid van de Academie van Athene.
Vanaf het begin van zijn loopbaan schreef hij onder het pseudoniem Myrivilis. Zijn antioorlogsroman werd verboden onder de dictatuur van Metaxas en opnieuw tijdens de Duitse bezetting. Hij stierf op 19 juli 1969 in Athene, maar zijn hart bleef in Sykaminea, waarvan de kliffen, vissersboten en olijfgaarden elk boek vullen dat hij schreef.
Werk
Η ζωή εν τάφω (Leven in het graf, 1924, definitieve vorm 1930) wordt gepresenteerd als de schriften van sergeant Antonis Kostoulas, gevonden na zijn dood aan het front in Macedonië en geschreven voor de vrouw van wie hij houdt. In korte, levendige hoofdstukken beschrijft hij de loopgraven bij Monastir, de modder en de luizen, de gasaanvallen, de Slavischtalige dorpelingen die de soldaten onderdak bieden, en het langzame verlies van geloof in de oorlog. De titel komt uit de Goede Vrijdaghymne «Ἡ ζωὴ ἐν τάφῳ» (Het leven in het graf), en de loopgraaf is het graf. Het is nog altijd het krachtigste Griekse boek over de Eerste Wereldoorlog.
Η δασκάλα με τα χρυσά μάτια (De onderwijzeres met de gouden ogen, 1933) zet het verhaal voort in vredestijd: een soldaat keert terug naar Lesbos en wordt verliefd op de weduwe van zijn gesneuvelde kameraad. Η Παναγιά η Γοργόνα (De Zeemeermin-Madonna, 1949) speelt zich af in een vissersdorp naar het voorbeeld van Skala Sykamineas, waar vluchtelingen uit Klein-Azië een nieuw leven opbouwen rond een piepkleine kapel op een rots; de icoon ervan toont de Maagd Maria met een zeemeerminnenstaart. Deze drie romans worden doorgaans gelezen als een trilogie over de oorlog en de nasleep ervan. De novelle Ο Βασίλης ο Αρβανίτης (Vasilis de Arvaniet, 1943) schetst een trotse, gewelddadige, magnetische dorpsbullebak. Myrivilis publiceerde ook verhalenbundels, Το πράσινο βιβλίο (Het groene boek), Το γαλάζιο βιβλίο (Het blauwe boek) en Το κόκκινο βιβλίο (Het rode boek), waarvan de kleuren een handelsmerk werden. Zijn proza is weelderig en zinnelijk, geworteld in het eilanddialect, met lange beschrijvingen van licht en zee.
Nalatenschap in het Griekenland van nu
Bladzijden uit Η ζωή εν τάφω staan in de Griekse schoolbloemlezing, en de roman wordt herlezen telkens wanneer Grieken over oorlog en vrede debatteren; hij is vertaald in het Engels en in vele andere talen. Ga naar Skala Sykamineas op Lesbos: de kapel van de Panagia Gorgona staat echt op een rots in de haven, en de oude moerbeiboom waaronder Myrivilis graag zat te schrijven, η μουριά του Μυριβήλη, geeft nog altijd schaduw aan een taverne aan het water. Zijn huis in Sykaminea is gemarkeerd, en straten in Mytilini en Athene dragen zijn naam. De titel Η ζωή εν τάφω is een uitdrukking op zich geworden, die journalisten gebruiken voor elk leven dat in een hol wordt geleefd, en Η Παναγιά η Γοργόνα gaf het eiland een van zijn bekendste beelden.
Wist je dat?
- De titel Η ζωή εν τάφω is de eerste regel van de Goede Vrijdagklaagzang die in elke Griekse kerk wordt gezongen, en die de roman omvormt tot een beschrijving van de loopgraven.
- Hij diende ongeveer tien jaar als soldaat, van de Balkanoorlogen van 1912 tot de terugtocht uit Klein-Azië in 1922.
- Zijn drie verhalenbundels zijn eenvoudigweg naar kleuren genoemd: groen, blauw en rood.
- De kapel uit Η Παναγιά η Γοργόνα bestaat echt: pelgrims en toeristen beklimmen nog altijd de rots bij Skala Sykamineas om haar te zien.
Belangrijkste werken
| Griekse titel | Titel | Jaar |
|---|---|---|
| Η ζωή εν τάφω | Leven in het graf | 1924 |
| Η δασκάλα με τα χρυσά μάτια | De onderwijzeres met de gouden ogen | 1933 |
| Το πράσινο βιβλίο | Het groene boek | 1935 |
| Ο Βασίλης ο Αρβανίτης | Vasilis de Arvaniet | 1943 |
| Η Παναγιά η Γοργόνα | De Zeemeermin-Madonna | 1949 |
Een zin om te onthouden
Η ζωή εν τάφω
I zoi en tafo
Leven in het graf