Leven
Over Stobaeus is behalve zijn boek bijna niets bekend. Zijn bijnaam, Στοβαῖος, betekent ‘uit Stobi’, een oude stad in de Romeinse provincie Macedonië waarvan de ruïnes bij Gradsko in het huidige Noord-Macedonië liggen. De Byzantijnse geleerde Photius uit de negende eeuw, die het volledige werk las, noemt hem Ἰωάννης ὁ Στοβαῖος (Johannes van Stobi) en blijft onze belangrijkste getuige. Stobaeus citeert schrijvers uit de vierde eeuw n.Chr., zoals Iamblichus en Themistius, dus hij kan niet eerder hebben geleefd. Meestal plaatst men hem in de vijfde eeuw, maar geleerden zijn het oneens of hij aan het begin of aan het eind ervan werkte.
Volgens Photius droeg Stobaeus de verzameling op aan zijn eigen zoon, Septimius. Hij zegt dat hij de fragmenten verzamelde om de aard van de jongen te vormen en te verbeteren, die nogal zwak was in het onthouden van wat hij las. Sommige moderne geleerden betwijfelen of dit het hele werk verklaart, dat te omvangrijk en geleerd lijkt voor alleen een schoolboek van vader voor zoon. Zijn voornaam, Ioannes, was gebruikelijk onder christenen, maar hij citeert geen enkele christelijke schrijver, zodat zijn religie onzeker blijft. Over zijn leraren, zijn loopbaan of de datum van zijn dood is niets betrouwbaars bekend.
Werk

Photius beschrijft de Anthologie (Ἀνθολόγιον) als vier boeken in twee banden met ‘uittreksels, uitspraken en voorschriften’, in totaal 208 hoofdstukken. Boek 1 gaat vooral over natuur en kosmos: God, het lot, de tijd, de sterren en de zintuigen. Boek 2 begint met taal, retorica en poëzie en gaat dan over op ethiek. De boeken 3 en 4 behandelen deugden en ondeugden, daarna de stad, het huwelijk, kinderen, rijkdom, ouderdom en dood. Elk hoofdstuk heeft een titel, vaak in de vorm Περὶ… (Over…), en daaronder volgen de fragmenten, elk ingeleid door een korte vermelding met de naam van de auteur en vaak het werk.
Boek 3, hoofdstuk 21, Περὶ τοῦ Γνῶθι σαυτόν (Over ‘Ken uzelf’), toont de methode. Het opent met een regel van de komische dichter Philemon: ‘Omdat je een mens bent, weet dit en onthoud het altijd.’ Enkele items verder, onder de vermelding Μενάνδρου Θρασυλέοντος (Menander, uit Thrasyleon), werpt een spreker zelfs tegen dat ‘ken de anderen’ nuttiger advies zou zijn geweest. De woorden zijn van Menander; Stobaeus koos ze alleen uit en zette ze naast het beroemde motto. Middeleeuwse kopiisten splitsten het werk in de Eclogae (boeken 1–2) en het Florilegium (boeken 3–4), en sommige delen zijn alleen ingekort bewaard. Toch bewaart het veel regels uit verloren toneelstukken, vooral van Euripides, en uitspraken van filosofen als Democritus.
Nalatenschap in het Griekenland van nu
Stobaeus liet het moderne Grieks een kant-en-klaar kader na om over teksten te praten. Ανθολογία komt van het hellenistische ἀνθολογία, ‘het plukken van bloemen’, en duidt nu elke verzameling gedichten of proza aan, van bloemlezingen van moderne Griekse poëzie tot de Anthologia Palatina. Γνώθι σαυτόν, het motto van zijn hoofdstuk 21, is nog altijd een bekende Griekse uitdrukking. De ruïnes van Stobi, met hun Romeinse theater, zijn te bezoeken bij Gradsko in Noord-Macedonië. Probeer dit: bekijk de Venetiaanse pagina uit 1536 bij dit profiel en zoek in de rechtermarge de bronvermeldingen Εὐριπίδου (van Euripides) en Πλάτωνος (van Plato). Schrijf daarna twee zinnen in het moderne Grieks die de stemmen gescheiden houden: Το απόσπασμα είναι του Μενάνδρου (Het fragment is van Menander) en Ο Στοβαίος το επέλεξε και το ταξινόμησε (Stobaeus heeft het gekozen en geordend).
Wist je dat?
- Photius telde 208 hoofdstukken in de vier boeken van de Anthologie.
- De Latijnse vertaling van Conrad Gesner, in 1543 in Zürich gedrukt, vermeldde ongeveer 250 geciteerde auteurs; latere geleerden telden er meer dan 500.
- De Eclogae werden pas in 1575 voor het eerst in het Grieks gedrukt, bij Christoffel Plantijn, bijna veertig jaar nadat het Florilegium in 1536 in Venetië verscheen.
- Hoofdstuk 21 vertelt ook een verhaal uit Aelianus: na zijn overwinning op de Atheners bij Chaeronea liet Philippus II van Macedonië zich elke ochtend door een dienaar eraan herinneren dat hij een mens was.
Belangrijkste werken
| Griekse titel | Titel | Jaar |
|---|---|---|
| Ἀνθολόγιον, βιβλίο Α΄ | Anthologie, boek 1 — God, lot, natuur en kosmos | 5th c. AD |
| Ἀνθολόγιον, βιβλίο Β΄ | Anthologie, boek 2 — taal, poëzie en ethiek, deels ingekort | 5th c. AD |
| Ἀνθολόγιον Γ΄ 21: Περὶ τοῦ Γνῶθι σαυτόν | Anthologie 3.21 — Over ‘Ken uzelf’: Philemon, Menander, Aelianus | 5th c. AD |
| Ἀνθολόγιον, βιβλίο Δ΄ | Anthologie, boek 4 — stad, huwelijk, gezin, ouderdom en dood | 5th c. AD |
Een zin om te onthouden
Χρήσιμον δὲ τὸ βιβλίον τοῖς μὲν ἀνεγνωκόσιν αὐτὰ τὰ συντάγματα τῶν ἀνδρῶν πρὸς ἀνάμνησιν
In het Grieks van nuΤο βιβλίο είναι χρήσιμο σε όσους έχουν διαβάσει τα ίδια τα έργα αυτών των ανδρών, για να τα θυμούνται.
Chrḗsimon dè tò biblíon toîs mèn anegnōkósin autà tà syntágmata tō̂n andrō̂n pròs anámnēsin
Het boek is nuttig, als geheugensteun, voor wie de werken van deze mannen zelf heeft gelezen.











































