Leven
Lysias was de zoon van Kephalos, een Syracusaan die volgens Lysias’ eigen woorden op uitnodiging van Perikles naar Athene kwam. De familie woonde er als metoiken, vrije buitenlandse inwoners zonder burgerrechten. Moderne onderzoekers dateren Lysias meestal rond 445–380 v.Chr., al plaatsten antieke biografen zijn geboorte vroeger. Als jongeman ging hij naar Thurii, een Griekse kolonie in Zuid-Italië, waar hij misschien retorica studeerde bij Tisias. Rond 412 v.Chr. werd hij met andere aanhangers van Athene verdreven en keerde hij terug naar Athene. In Tegen Eratosthenes zegt hij dat de Dertig later 700 schilden van de familie en 120 slaven in beslag namen, een aanwijzing voor een grote schildwerkplaats.
In 404 v.Chr., nadat Athene de Peloponnesische Oorlog had verloren, richtten de Dertig Tirannen zich op rijke metoiken. Lysias beschrijft hoe hij werd gearresteerd terwijl hij gasten ontving, hoe hij een van de Dertig, Peison, een talent zilver voor zijn leven beloofde, en hoe hij daarna door open deuren wegglipte en ’s nachts naar Megara zeilde. Zijn broer Polemarchos kreeg zonder proces het bevel de gifbeker met scheerling te drinken. Vanuit ballingschap steunde Lysias de democraten; latere overlevering zegt dat hij geld en schilden gaf en soldaten betaalde. Een besluit dat hem burger maakte, werd om procedurele redenen vernietigd, zodat hij metoik bleef met fiscale gelijkheid, isoteleia. Daarna verdiende hij de kost met redevoeringen voor anderen.
Werk

Het Atheense recht verwachtte dat procespartijen zelf spraken; daarom schreef een logograaf (λογογράφος, redenschrijver) woorden die een cliënt voor de rechtbank uitsprak. Antieke lijsten telden ongeveer 425 redevoeringen op naam van Lysias, en critici als Dionysios van Halikarnassos aanvaardden er meer dan 230 als echt. Ongeveer 35 zijn bewaard, sommige van omstreden auteurschap. Dionysios prees zijn eenvoudige Attische woordenschat en zijn ethopoiia (ἠθοποιία), de kunst om elke spreker als een geloofwaardig persoon te laten klinken. Latere atticistische schrijvers namen hem als model van heldere proza.
In Κατὰ Ἐρατοσθένους (Tegen Eratosthenes), 403 v.Chr., sprak Lysias zelf tegen een voormalig lid van de Dertig, dat hij verantwoordelijk hield voor de dood van Polemarchos. In de verdediging van Euphiletos, beschuldigd van de moord op de minnaar van zijn vrouw, en in de rede van een gehandicapte man die zijn kleine staatsuitkering verdedigt, spreken gewone Atheners in levendige alledaagse woorden. Κατὰ τῶν σιτοπωλῶν (Tegen de graanhandelaren) wordt uitgesproken door een raadslid, niet door Lysias. Hij beschuldigt graanhandelaren ervan meer dan de wettelijke grens van vijftig maten te hebben opgekocht; zij antwoorden dat ambtenaren het hun hadden opgedragen. Een ambtenaar genaamd Anytos getuigt dat hij hun alleen had aangeraden niet tegen elkaar op te bieden. De zaak kon de doodstraf opleveren.
Nalatenschap in het Griekenland van nu
In Griekenland wordt Lysias gelezen in de lessen Oudgrieks van het voortgezet onderwijs; lesscenario’s van het Instituut voor Onderwijsbeleid gebruiken Ὑπὲρ Μαντιθέου (Voor Mantitheos) in het tweede jaar van het lyceum. Het Centrum voor de Griekse Taal biedt online verschillende redevoeringen van hem met nieuwgriekse vertalingen. Ook Plato houdt hem in beeld: de Politeia begint in het huis van Polemarchos en de Phaidros bespreekt een aan Lysias toegeschreven rede. Het niveau C1 slaat hier op onze bewerkte leestekst, niet op het zelfstandig lezen van Attisch Grieks. Probeer dit: schrijf een gesprekje van drie regels op een markt met αγοράζω (ik koop), πουλάω (ik verkoop) en η τιμή (de prijs). Zet daarna bij elke regel Ποιος μιλάει; (Wie spreekt er?) en beslis of de woorden van de spreker zijn of van degene die ze schreef.
Wist je dat?
- Lysias bracht het grootste deel van zijn leven in Athene door zonder burger te worden.
- Plato’s Politeia plaatst hem onder de aanwezigen in het huis van zijn broer Polemarchos.
- In Tegen Eratosthenes zegt hij dat de Dertig zijn familie 700 schilden afnamen.
- Dezelfde rede eindigt met een salvo korte werkwoorden: jullie hebben gehoord, gezien, geleden, jullie hebben alles; oordeel.
Belangrijkste werken
| Griekse titel | Titel | Jaar |
|---|---|---|
| Κατὰ Ἐρατοσθένους (12) | Tegen Eratosthenes — rede 12, door Lysias zelf uitgesproken | 403 BC |
| Ὑπὲρ τοῦ Ἐρατοσθένους φόνου ἀπολογία (1) | Over de moord op Eratosthenes — rede 1, geschreven voor Euphiletos | ? |
| Ὑπὲρ Μαντιθέου (16) | Voor Mantitheos — rede 16 | ? |
| Ὑπὲρ τοῦ ἀδυνάτου (24) | Voor de gehandicapte man — rede 24 | ? |
| Κατὰ τῶν σιτοπωλῶν (22) | Tegen de graanhandelaren — rede 22, uitgesproken door een raadslid | after 403 BC |
| Ὀλυμπιακός (33) | Olympische rede — rede 33, alleen het begin is bewaard | c. 388 BC |
Een zin om te onthouden
Παύσομαι κατηγορῶν. ἀκηκόατε, ἑωράκατε, πεπόνθατε, ἔχετε· δικάζετε.
In het Grieks van nuΘα σταματήσω να κατηγορώ. Ακούσατε, είδατε, πάθατε, τα έχετε μπροστά σας· δικάστε.
Paúsomai katēgorō̂n. akēkóate, heōrákate, pepónthate, échete; dikázete.
Ik houd op met aanklagen. Jullie hebben gehoord, jullie hebben gezien, jullie hebben geleden, jullie hebben de feiten: oordeel.











































