Leven
Loukia Maggiorou, in Latijnse letters ook Mangiorou of Magiorou gespeld, werd in 1914 in Athene geboren. Van 1934 tot 1939 studeerde ze schilderkunst en grafiek aan de Academie voor Schone Kunsten in Athene, eerst bij Konstantinos Parthenis en daarna bij de graficus Giannis Kefallinos. In een later interview vertelde ze dat Parthenis haar aanmoedigde om voor grafiek te kiezen. In 1939–1940 werkte ze verder in het kopergravure-atelier van de École des Beaux-Arts in Parijs. Yannis Moralis schilderde in 1939 haar portret in olieverf.
Op de Academie leerde ze de graficus A. Tassos (Anastasios Alevizos, 1914–1985) kennen, die haar partner in leven en werk en later haar echtgenoot werd. Tijdens de bezetting was ze medeoprichter van de groep kunstenaars van de EAM en sneed ze met andere kunstenaars houtsneden die als propaganda tegen de bezetter circuleerden. Ze was ook medeoprichter van de in 1944 opgerichte Kamer voor Beeldende Kunsten en van de kunstenaarsgroep Στάθμη (Niveau).
Na haar studie mocht ze haar hand na een ongeluk niet vermoeien, en daarom werkte ze verder vooral als schilder. In 1987, twee jaar na de dood van Tassos, richtte ze de Vereniging voor Beeldende Kunsten «Α. Τάσσος» op om zijn werk bekend te maken en jonge Griekse grafici te steunen. Ze stierf in 2008 in Athene.
Werk
Naast houtsneden omvat haar grafische werk illustraties voor albums en boeken. Ze illustreerde boeken met houtsneden, onder meer Karagatsis’ Λειτουργία σε λα ύφεσις (Mis in As, 1943) en boeken van K. Paraschos en K. Makris. Het Staatsmuseum voor Hedendaagse Kunst in Thessaloniki beschrijft haar prenten als sober van lijn, met expressionistische elementen, en haar schilderkunst als zacht in de toonovergangen en harmonieus van kleur.
Haar bekendste openbare werk maakte ze in 1960 samen met Tassos: Η καλλιέργεια του καπνού (De tabaksteelt), in opdracht van het bedrijf Papastratos voor de fabriek van de Nationale Tabaksorganisatie in Stavroupoli, in het westen van Thessaloniki. Het moest de tabaksarbeiders van de fabriek uitbeelden, en aanvankelijk waren zij de enige toeschouwers. In gemengde techniek op stof die op hout is geplakt, meet het 2 × 12,40 meter en ontvouwt het zich in vijf delen als een fries, met echo’s van Byzantijnse kunst, vaasschildering en antieke beeldhouwkunst in aardse en grijze tinten. Na restauratie in de Nationale Galerie werd het in 2013 getoond in het Lazaristenklooster in Thessaloniki.
De Nationale Galerie in Athene bezit twee schilderijen van haar: de aquarel Κατασκήνωση στη Βελίκα (Kamperen in Velika), gedateerd rond 1965 en geschonken door het ministerie van Onderwijs, en het grote olieverfschilderij Μεσημέρι (Middag), van rond 1980.
Nalatenschap in het Griekenland van nu
De schilderijen van Maggiorou bevinden zich in openbare collecties en worden nog tentoongesteld. In de zomer van 2017 toonde de gemeente Skiathos meer dan dertig originele schilderijen en prenten van haar in haar cultureel centrum op de Bourtzi. De Vereniging voor Beeldende Kunsten «Α. Τάσσος» die zij oprichtte, blijft de Griekse grafiek steunen. Open voor een Griekse oefening de online beschrijving van Κατασκήνωση στη Βελίκα (Kamperen in Velika) bij de Nationale Galerie. Let op de titel: men schrijft στη Βελίκα zonder slot-ν, maar στην Αθήνα en στην Κέρκυρα met ν, omdat de ν blijft staan vóór een klinker en vóór klanken als κ, π en τ. Schrijf daarna een voorzichtige zin over de datering: Ο πίνακας χρονολογείται γύρω στο 1965 (Het schilderij wordt rond 1965 gedateerd).
Wist je dat?
- Zij en A. Tassos werden allebei in 1914 geboren en leerden elkaar als studenten kennen aan de Academie in Athene.
- Hun tabaksfries is 12,40 meter lang, ongeveer zo lang als een stadsbus.
- Yannis Moralis schilderde haar portret in 1939, toen zij haar studie afrondde.
- Haar aquarel van Velika kwam als schenking van het ministerie van Onderwijs in de Nationale Galerie.
Belangrijkste werken
| Griekse titel | Titel | Jaar |
|---|---|---|
| Ξυλογραφίες για τον αντιστασιακό Τύπο | Houtsneden voor de verzetspers | 1941–1944 |
| Η καλλιέργεια του καπνού | De tabaksteelt (met A. Tassos) | 1960 |
| Κατασκήνωση στη Βελίκα | Kamperen in Velika | 1965 |
| Μεσημέρι | Middag | 1980 |
| Εταιρεία Εικαστικών Τεχνών «Α. Τάσσος» | Oprichting van de Vereniging voor Beeldende Kunsten «Α. Τάσσος» | 1987 |
Een zin om te onthouden
Εξαιτίας της Κατοχής δουλεύαμε πολύ αναπαραγωγές, οπότε και χαρακτική.
Exaitías tis Katochís doulévame polý anaparagogés, opóte kai charaktikí.
Door de bezetting werkten we veel aan reproducties, en dus ook aan grafiek.











































