Leven
Vlachopoulou werd op 28 juli 1923 geboren op Korfoe, het Ionische eiland dat bekendstaat om zijn muziek, zijn fanfares en zijn operaminnend publiek. Ze zong al als tiener op Korfoe, en in 1939 viel ze op toen ze zong in een variétévoorstelling in Athene. Vanaf 1943 zong ze in het Pantheon met de componist Giannis Spartakos, die jazzliedjes voor haar schreef, en de pers noemde haar «de koningin van de jazz». Haar stem was krachtig, haar ritme perfect en haar podiumpresentie enorm.
Van het zingen stapte ze over naar het theater, en vooral naar de επιθεώρηση, de Atheense revue, een show van liedjes, sketches en politieke grappen. Daar leerde ze de komische timing die haar beroemd maakte: de opgetrokken wenkbrauw, de plotselinge omslag van liefheid naar woede, de zin die precies op het juiste moment wordt weggegooid. In de jaren zestig ontdekte de film haar, en ze werd een van de grootste sterren van de gouden eeuw van de Griekse komedie, naast acteurs als Lambros Konstantaras, Dinos Iliopoulos en Kostas Voutsas.
Ze bleef tientallen jaren werken in het theater en op televisie en ging nooit echt met pensioen; het publiek hield tot het einde van haar. Ze stierf op 29 juli 2004 in Marousi bij Athene, een dag na haar eenentachtigste verjaardag, en de Griekse pers noemde haar de grande dame van de komedie.
Werk

In haar films speelde Vlachopoulou bijna altijd hetzelfde type vrouw, en het publiek aanbad haar daarom: een sterke, praatgrage, praktische Griekse vrouw die ruziet, plannen smeedt, zingt en uiteindelijk alles rechtzet. Haar komedie was tegelijk fysiek en muzikaal, en bijna elke film gaf haar minstens één liedje.
In Μερικοί το προτιμούν κρύο (Sommigen houden van koud, 1963) zingt ze «Σαν ξημερώνει Κυριακή» (Als de zondag aanbreekt), een duet met Dinos Iliopoulos, op muziek van Mimis Plessas, die veel van haar filmliedjes schreef. In Η χαρτοπαίχτρα (De speelster, 1965) is ze een echtgenote die niet kan stoppen met kaarten, tegenover Lambros Konstantaras als haar wanhopige man. Daarna volgden Η βουλευτίνα (Het parlementslid, 1966) en Η ζηλιάρα (De jaloerse vrouw, 1968), en Βίβα Ρένα (Viva Rena, 1967) en Η Ρένα είναι οφσάιντ (Rena staat buitenspel, 1972) waren zo volledig rond haar opgebouwd dat ze haar voornaam in de titel dragen.
Deze films tonen het Griekenland van de jaren zestig: nieuwe flats in Athene, vakanties aan zee, geldzorgen, gearrangeerde en geweigerde huwelijken. Nu bekeken zijn ze ook een les in gesproken Grieks, vol uitdrukkingen, idioom en het ritme van echte gesprekken.
Nalatenschap in het Griekenland van nu
Griekse tv-zenders zenden de komedies van Vlachopoulou nog altijd uit, vooral op feestdagen en zomermiddagen, en veel Grieken kunnen haar zinnen uit het hoofd citeren. Voor een leerling is elk van haar films een goede manier om natuurlijk, snel en grappig Grieks te horen, en haar filmliedjes zijn makkelijk te vinden. Kijk eerst Η χαρτοπαίχτρα: het verhaal is eenvoudig en de grappen hebben weinig woorden nodig. Ze wordt samen met Aliki Vougiouklaki en Thanasis Veggos herinnerd als een van de gezichten van de gouden eeuw van de Griekse film, en op Korfoe praat men nog altijd trots over het meisje van het eiland dat het hele land aan het lachen maakte.
Wist je dat?
- Voordat ze komische actrice werd, was ze jazzzangeres: in de jaren veertig noemde de Atheense pers haar «de koningin van de jazz».
- Twee van haar films, Βίβα Ρένα (1967) en Η Ρένα είναι οφσάιντ (1972), dragen haar eigen voornaam in de titel.
- Ze leerde haar komische kunst in de Atheense revue, een mengeling van liedjes, sketches en satire.
Belangrijkste werken
| Griekse titel | Titel | Jaar |
|---|---|---|
| Μερικοί το προτιμούν κρύο | Sommigen houden van koud (film) | 1963 |
| Η χαρτοπαίχτρα | De speelster (film) | 1965 |
| Η βουλευτίνα | Het parlementslid (film) | 1966 |
| Βίβα Ρένα | Viva Rena (film) | 1967 |
| Η Ρένα είναι οφσάιντ | Rena staat buitenspel (film) | 1972 |
Een zin om te onthouden
Η Ρένα είναι οφσάιντ
I Rena einai ofsaint
Rena staat buitenspel


























