Een enorm rijk zonder heerser
Alexander stierf in 323 v.Chr. in Babylon. Zijn vrouw Roxane verwachtte een kind, maar een volwassen zoon had hij niet. Een beroemd verhaal zegt dat zijn metgezellen vroegen aan wie hij het koninkrijk naliet, en dat hij antwoordde: «τῷ κρατίστῳ», ‘aan de sterkste’. Arrianus (7.26) geeft dit alleen als iets wat andere schrijvers vertelden en merkt op dat Ptolemaeus en Aristobulus het niet optekenden.
Het leger maakte Alexanders halfbroer Arrhidaeus koning. Perdiccas, die de ring van de dode koning had, werd regent: iemand die regeert in plaats van een koning (Diodorus 18.2). Daarna verdeelde hij de provincies onder de generaals, de στρατηγοί. Ptolemaeus kreeg Egypte, Lysimachus Thracië en Antigonus gebieden in Klein-Azië (18.3). Een provincie werd traditioneel bestuurd door een σατράπης, de oude Perzische titel van een gouverneur.
De vrede hield geen stand, want ze waren het er niet over eens of het rijk één moest blijven, en onder wie. Perdiccas werd in 321 of 320 v.Chr. door zijn eigen officieren gedood. Ook Alexanders lichaam kwam in Egypte terecht: Ptolemaeus ging de begrafenisstoet in Syrië tegemoet, en Diodorus (18.28) zegt dat hij de koning in Alexandrië begroef, terwijl Pausanias het graf in Memphis plaatst.
Test jezelf: 4 woorden van deze pagina
1 / 4
Wat betekent dit woord?
Van generaals tot koningen
Moderne historici verdelen de gevechten in meerdere Diadochenoorlogen (Διάδοχοι), en de dateringen verschillen licht. Alexanders koninklijke erfgenamen overleefden ze niet. Arrhidaeus werd in 317 v.Chr. terechtgesteld, en rond 310 v.Chr. (de bronnen geven 311 of 310) werden ook Roxane en haar zoon Alexander IV gedood, een jongen van ongeveer twaalf.
Na een zeeoverwinning bij Cyprus in 306 v.Chr. werden Antigonus en zijn zoon Demetrius tot koning uitgeroepen, en Antigonus stuurde Demetrius een διάδημα, de koninklijke hoofdband. Al snel namen ook Ptolemaeus, Lysimachus en Seleucus die titel aan, terwijl Cassander zijn brieven nog alleen met zijn naam ondertekende (Plutarchus, Demetrius 18).
In 301 v.Chr. sneuvelde Antigonus bij Ipsus, en Seleucus won Syrië. In 281 v.Chr. versloeg Seleucus Lysimachus bij Corupedium, maar enkele maanden later werd hij vermoord door Ptolemaeus Keraunos. Na ongeveer 280 v.Chr. bleven drie grote koninkrijken over, βασίλεια:
- de Antigoniden in Macedonië;
- de Ptolemaeën in Egypte;
- de Seleuciden in Azië.
Daarnaast groeiden kleinere staten, zoals Pergamon in Klein-Azië en vanaf ongeveer 250 v.Chr. een Grieks koninkrijk in Bactrië.
Grieks van Egypte tot Afghanistan
Alexander en de diadochen stichtten nieuwe steden ver van Griekenland: Seleucus stichtte Antiochië en Seleucia aan de Tigris. Hun officiële en dagelijkse taal was een verbrede vorm van het Attisch van Athene, die grammatici de κοινή noemden, de ‘gemeenschappelijke’ γλώσσα. Het Portaal voor de Griekse Taal beschrijft haar bereik van de Egeïsche kust van Klein-Azië tot de vlakten van de Punjab.
Inscripties laten zien hoe ver ze kwam. De Steen van Rosetta (196 v.Chr.) geeft een decreet voor Ptolemaeus V in hiërogliefen, demotisch en Grieks. In Kandahar, in het huidige Afghanistan, liet de Indiase koning Ashoka rond 258 v.Chr. edicten in het Grieks uithakken. In Ai Khanoum, ook in Afghanistan, plaatste een man genaamd Clearchus spreuken die hij in Delphi ‘zorgvuldig had overgeschreven’, waaronder «παῖς ὢν κόσμιος γίνου», ‘Wees als kind ordelijk’.
In Alexandrië stichtte Ptolemaeus I het Μουσεῖον, een koninklijk onderzoekscentrum. Callimachus maakte een catalogus van de boeken van de Bibliotheek, Eratosthenes leidde haar vanaf ongeveer 240 v.Chr., en Archimedes stuurde vanuit Syracuse zijn resultaten daarheen. Daar begon in de 3e eeuw v.Chr. ook de vertaling van de Hebreeuwse Bijbel in het Grieks. Volgens Britannica is de Koinè de basis van het Nieuwgrieks.
Rome, Cleopatra en een moderne naam
Rome nam deze staten stap voor stap in. Bij Pydna versloeg het in 168 v.Chr. Perseus, de laatste Antigonidische koning. In 146 v.Chr. plunderde het Korinthe. In 133 v.Chr. liet Attalus III Pergamon bij testament aan Rome na. In 64 v.Chr. maakte Pompeius Syrië tot Romeinse provincie, hoewel Tigranes van Armenië de Seleucidische staat al had gebroken, volgens de traditionele datering in 83 v.Chr.
Egypte kwam als laatste. Plutarchus (Antonius 27) zegt dat Cleopatra VII zonder tolk met veel volken sprak, terwijl de koningen vóór haar niet eens hadden geprobeerd Egyptisch te leren. Na de zeeslag bij Actium op 2 september 31 v.Chr. belegerde Octavianus in 30 v.Chr. Alexandrië, en zij en Antonius maakten een einde aan hun leven.
Niemand zei toen ‘hellenistisch’. De Duitse historicus J. G. Droysen maakte in de jaren 1830 van Hellenismus de naam van het hele tijdperk. Het woord werd al gebruikt voor het Grieks van niet-Grieken, en de oude Ἑλληνιστής was iemand die Grieks gebruikte (Handelingen 6.1). De gebruikelijke jaartallen zijn 323 tot 31 of 30 v.Chr., maar dat is een afspraak: de Griekse cultuur ging onder Rome door, en sommige historici betwijfelen of de periode een echte eenheid vormt.
Belangrijke jaartallen
- 323 BCAlexander sterft in Babylon; de provincies worden onder de generaals verdeeld
- 306 BCAntigonus en Demetrius worden tot koning uitgeroepen; anderen volgen
- 301 BCSlag bij Ipsus: Antigonus sneuvelt
- 281 BCCorupedium: Seleucus verslaat Lysimachus en wordt daarna vermoord
- 196 BCHet decreet op de Steen van Rosetta, met een Griekse versie
- 168 BCPydna: Rome verslaat Macedonië
- 146 BCRome plundert Korinthe
- 31–30 BCActium en daarna de dood van Cleopatra; Egypte valt aan Rome
Acht woorden, toen en nu
| Oudgrieks | Grieks van nu | Betekenis |
|---|---|---|
| opvolger; troonopvolger | ||
| de gemeenschappelijke Griekse taal | ||
| koninkrijk (vroeger: paleis) | ||
| generaal, legeraanvoerder | ||
| koninklijke hoofdband; nu tiara | ||
| Perzische gouverneur; figuurlijk despoot | ||
| gesproken taal; ook het orgaan | ||
| gebruiker van Grieks; nu hellenist |
De veroveringen van Alexander de Grote (kaart)
De bibliotheek van Alexandrië