Rome en Griekenland in het kort
Rond 200 v.Chr. was Griekenland een land van steden en bonden, en de sterkste macht in de buurt waren de koningen van Macedonië. Rome, een opkomende macht uit Italië, vocht tegen deze koningen en won: het versloeg Philippus V in 197 v.Chr. en zijn zoon Perseus in 168 v.Chr. In 146 v.Chr. verwoestte een Romeins leger de rijke stad Korinthe. Vanaf toen was Rome de baas in Griekenland.
Toen gebeurde er iets ongewoons. De winnaars bewonderden de cultuur van het volk dat ze hadden verslagen. Jonge Romeinen gingen in Athene studeren, en ontwikkelde Romeinen spraken Grieks. De Romeinse dichter Horatius zei het in een beroemde versregel: 'Het veroverde Griekenland veroverde zijn woeste overwinnaar.' Rome won de oorlogen, maar Griekse boeken, kunst en ideeën wonnen veel Romeinen voor zich.
Test jezelf: 4 woorden van deze pagina
1 / 4
Wat betekent dit woord?
Vrijheid op de Isthmus, vuur in Korinthe
Op de Isthmische Spelen van 196 v.Chr. las een heraut in het stadion een boodschap voor: de Romeinse senaat en de veldheer Flamininus hadden Philippus verslagen en verklaarden acht Griekse volken vrij, zonder garnizoenen en zonder schatting (Polybius 18.46). Het applaus was zo groot dat hij de boodschap moest herhalen. Historici discussiëren nog altijd over wat Rome met ἐλευθερία bedoelde: Grieken verstonden er zelfbestuur onder, terwijl het voor Rome mogelijk kleine, verdeelde steden betekende, elk op zichzelf.
Het duurde niet lang. Na Pydna werden ruim duizend Achaeërs, beschuldigd van steun aan Perseus, naar Italië gestuurd; zestien jaar later waren er hooguit driehonderd over (Pausanias 7.10). Polybius was een van deze gevangenen. Hij leerde Romeinse leiders kennen en schreef in het Grieks zijn geschiedenis van de opkomst van Rome.
In 146 v.Chr., na een oorlog met de Achaeïsche Bond, bestormde Lucius Mummius Korinthe en stak de stad in brand. De meeste mensen die daar werden aangetroffen, werden gedood, en vrouwen en kinderen werden als slaven verkocht (Pausanias 7.16). Korinthe bleef verlaten tot Julius Caesar de stad rond 44 v.Chr. opnieuw stichtte als Romeinse kolonie (Strabo 8.6.23). Hoe Griekenland aanvankelijk bestuurd werd, is omstreden. Voor 27 v.Chr. noemt Cassius Dio 'Griekenland met Epirus' als provincie (ἐπαρχία); Pausanias noemt de provincie van de bestuurder Achaea.
'Graecia capta': wie veroverde wie?
De beroemde versregel staat bij Horatius, Epistulae 2.1.156–157: Graecia capta ferum victorem cepit et artes intulit agresti Latio, 'het veroverde Griekenland veroverde zijn woeste overwinnaar en bracht de kunsten naar het boerse Latium'. Dat is de blik van een dichter, geen geschiedenis van de verovering. Horatius zegt ook dat Athene zijn opleiding aanvulde en dat hij de waarheid zocht 'in de bossen van Academus' (Epistulae 2.2.43–45).
De verovering kon wreed zijn. Voor zijn beleg van 87–86 v.Chr. liet Sulla de bomen van de Academie omhakken, en daarna bestormde hij Athene met een vreselijk bloedbad (Plutarchus, Sulla 12–14). Hadrianus was anders: hij voltooide de tempel van de Olympische Zeus en wijdde die in 131/132 n.Chr. in, meer dan zes eeuwen nadat het werk was begonnen. In 267 n.Chr. plunderden de Herulen Athene.
Grieks bleef een taal van de kennis. Plutarchus uit Chaeronea schreef parallelle levens van Grieken en Romeinen. Epictetus, als slaaf geboren, gaf les in Nicopolis. Galenus uit Pergamon werkte als arts in Rome en schreef in het Grieks. Ook Marcus Aurelius schreef zijn Overpeinzingen in het Grieks.
Romeinse zaken, Griekse woorden
Grieken gaven oude woorden nieuwe taken. In de proclamatie bij Polybius heet de senaat ἡ σύγκλητος en is Flamininus στρατηγὸς ὕπατος, de Griekse weergave van de titel consul. Een provincie was een ἐπαρχία, en αὐτοκράτωρ ging de keizer aanduiden. Ze leven allemaal nog: de Σύγκλητος bestuurt een Griekse universiteit, de Ύπατη Αρμοστεία is de vluchtelingenorganisatie van de VN, en επαρχία betekent ook 'het platteland'. De Romeinse weg die Strabo ἡ Ἐγνατία ὁδός noemt (7.7.4) gaf zijn naam aan de snelweg Εγνατία Οδός, al verschillen de routes.
De grootste verandering was een naam. In 212 n.Chr. maakte Caracalla de vrije inwoners van het rijk Romeins burger; Cassius Dio (78.9) dacht dat hij meer belasting wilde. De mensen die wij Byzantijnen noemen, noemden zichzelf Ῥωμαῖοι en hun staat Ρωμανία. In de volkstaal werd Ρωμαίος langzamerhand Ρωμιός, en de taalkundige Manolis Triantafyllidis legt uit hoe een politieke naam een Griek ging aanduiden. Historici discussiëren nog over wat voor identiteit dit was, hoe breed die gedeeld werd en hoe sommige van deze 'Romeinen' weer Hellenen werden.
Belangrijke jaartallen
- 197 BCFlamininus verslaat Philippus V van Macedonië bij Kynoskephalai.
- 196 BCOp de Isthmische Spelen verklaart Rome Griekse volken vrij.
- 168 BCAemilius Paullus verslaat Perseus bij Pydna.
- 146 BCMummius bestormt Korinthe en brandt de stad plat.
- 86 BCSulla bestormt Athene.
- 27 BCCassius Dio noemt Griekenland onder de provincies onder Augustus.
- 131/132 ADHadrianus wijdt de tempel van de Olympische Zeus in Athene in.
- 212 ADCaracalla geeft de vrije inwoners van het rijk het Romeins burgerrecht.
Acht woorden, toen en nu
| Oudgrieks | Grieks van nu | Betekenis |
|---|---|---|
| een Romein; later een Griek | ||
| provincie; nu ook platteland | ||
| senaat | ||
| consul; hoogste | ||
| keizer | ||
| vrijheid | ||
| onderwijs, cultuur | ||
| weg, straat |