Kies een taal

grecfacilegrecfacile
Β1

Het volledige naamvallensysteem

Vier naamvallen en twee getallen: alle verbuigingspatronen, de genitief meervoud op -ων waarbij de klemtoon verschuift, en de vocatief.

Het volledige naamvallensysteem

De vier naamvallen en hun functies

De nominatief wordt vooral gebruikt voor het onderwerp en het naamwoordelijk deel van het gezegde: «Ο Νίκος είναι μαθητής». De genitief duidt vaak bezit of een relatie aan («το σπίτι του πατέρα») en verschijnt bij onbeklemtoonde voornaamwoorden voor een indirect object («θα του πω»). De accusatief is vooral voor het lijdend voorwerp en na de meeste voorzetsels. Met de vocatief spreek je iemand aan: «Νίκο, έλα!». Dit zijn basisfuncties, geen volledige lijst.

  • Ο Νίκος είναι μαθητής.Nikos is leerling.
  • Το σπίτι του πατέρα είναι παλιό.Het huis van de vader is oud.
  • Θα του πω την αλήθεια.Ik zal hem de waarheid vertellen.
  • Νίκο, έλα εδώ!Nikos, kom hier!

Mannelijk: «ο φίλος»

«φίλος» laat een veelvoorkomend patroon voor mannelijke woorden op «-ος» zien. In het enkelvoud heeft het vier vormen: «φίλος, φίλου, φίλο, φίλε». Niet elk woord op «-ος» heeft dezelfde vocatief; veel namen krijgen «-ο», zoals «Γιώργος → Γιώργο».

  • Ο φίλος μου μένει στη Θεσσαλονίκη.Mijn vriend woont in Thessaloniki.
  • Το αυτοκίνητο του φίλου μου είναι καινούριο.De auto van mijn vriend is nieuw.
  • Είδα τους φίλους σου χθες.Ik zag je vrienden gisteren.
  • Φίλε, τι κάνεις;Vriend, hoe gaat het?
πτώσηενικόςπληθυντικός
ονομαστικήο φίλοςοι φίλοι
γενικήτου φίλουτων φίλων
αιτιατικήτον φίλοτους φίλους
κλητικήφίλε!φίλοι!

Vrouwelijk en onzijdig: «η γυναίκα», «το παιδί»

Bij «γυναίκα» hebben nominatief, accusatief en vocatief dezelfde woordvorm; lidwoord of zinspositie maakt het verschil: «η γυναίκα / τη γυναίκα / γυναίκα!». De genitief is «της γυναίκας». Bij onzijdige woorden vallen nominatief, accusatief en vocatief samen: «το παιδί / βλέπω το παιδί / παιδί!». De genitief is «του παιδιού».

  • Η γυναίκα με το κόκκινο παλτό περιμένει.De vrouw in de rode jas wacht.
  • Η τσάντα της γυναίκας έμεινε στο τραπέζι.De tas van de vrouw bleef op tafel liggen.
  • Βλέπω το παιδί στην αυλή.Ik zie het kind op de binnenplaats.
  • Τα παιχνίδια του παιδιού είναι παντού.Het speelgoed van het kind ligt overal.
πτώσηη γυναίκατο παιδί
ονομαστικήη γυναίκα / οι γυναίκεςτο παιδί / τα παιδιά
γενικήτης γυναίκας / των γυναικώντου παιδιού / των παιδιών
αιτιατικήτη γυναίκα / τις γυναίκεςτο παιδί / τα παιδιά
κλητικήγυναίκα! / γυναίκες!παιδί! / παιδιά!

De genitief meervoud: «-ων» en de klemtoon

Verbuigbare zelfstandige naamwoorden van alle drie de geslachten hebben in de genitief meervoud een uitgang die op «-ων» eindigt: «φίλων, γυναικών, παιδιών, ονομάτων». De precieze uitgang en klemtoon hangen van het verbuigingspatroon af. Bij veel vrouwelijke woorden verschuift de klemtoon naar de laatste lettergreep: «θάλασσα → θαλασσών», «γλώσσα → γλωσσών». Leer deze naamval bij elk woord mee; de verschuiving is niet altijd voorspelbaar.

  • Αγαπώ το χρώμα των ελληνικών θαλασσών.Ik houd van de kleur van de Griekse zeeën.
  • Η διδασκαλία των ξένων γλωσσών θέλει υπομονή.Vreemde talen onderwijzen vergt geduld.
  • Τα δωμάτια των παιδιών είναι στον πρώτο όροφο.De kamers van de kinderen zijn op de eerste verdieping.

De vocatief: «Γιώργο! κύριε!»

Veel mannelijke woorden hebben een aparte vocatief: «κύριος → κύριε», «Γιώργος → Γιώργο», «πατέρας → πατέρα», «μαθητής → μαθητή». De meeste vrouwelijke en onzijdige woorden gebruiken de nominatief zonder lidwoord: «Μαρία!», «παιδιά!».

  • Καλημέρα, κύριε!Goedemorgen, meneer!
  • Γιώργο, σε ζητάει η μητέρα σου.Giorgos, je moeder vraagt naar je.
  • Μαρία, τι ώρα φεύγουμε;Maria, hoe laat vertrekken we?
  • Παιδιά, ελάτε στο τραπέζι!Kinderen, kom aan tafel!

Nu jij

Kies de juiste vorm.

Hetzelfde onderwerp op andere niveaus

Veelgestelde vragen

Hoeveel naamvallen heeft het Nieuwgrieks?

Vier: nominatief voor het onderwerp; genitief voor bezit («το σπίτι του πατέρα») en indirecte voornaamwoorden («θα του πω»); accusatief voor het lijdend voorwerp en na de meeste voorzetsels; vocatief om iemand aan te spreken. De Oudgriekse datief verdween; veel functies worden nu uitgedrukt met «σε» + accusatief of een genitiefvoornaamwoord.

Waarom verschuift de klemtoon in «των θαλασσών»?

Bij veel woorden verschuift de klemtoon in de genitief meervoud richting het einde: «η θάλασσα → των θαλασσών», «η γλώσσα → των γλωσσών». Dat hangt samen met oudere verbuigingspatronen. Alle drie de geslachten hebben in deze naamval een uitgang die op «-ων» eindigt; de klemtoon hangt af van het patroon.

Hoe vorm je de vocatief in het Grieks?

Veel mannelijke woorden hebben een eigen vocatief: «κύριος → κύριε!», «Γιώργος → Γιώργο!», «πατέρας → πατέρα!», «μαθητής → μαθητή!». Bij de meeste vrouwelijke en onzijdige woorden gebruik je de nominatief zonder lidwoord: «Μαρία!», «παιδιά!».